Saber en conocer betekenen allebei ‘weten’ of ‘kennen’

Ze hebben echter verschillende betekenissen en toepassingen en zijn dus niet uitwisselbaar. Welk werkwoord je moet gebruiken hangt af van de context en van wat je wilt zeggen.

SABER: gebruik je om kennis, of het ontbreken daarvan, van informatie over iets of feiten uit te drukken. Het kan daarbij o.m. gevolgd worden door een heel werkwoord (infinitief) of een vraagwoord.

Antonio Banderas sabe tocar la guitarra. Antonio Banderas kan gitaar spelen
¿Sabes cuánto cuesta el libro? Weet je hoeveel het boek kost?
No sé donde está. Ik weet niet waar het is.
Sabe la verdad. Hij of zij weet/kent de waarheid.

CONOCER: gebruik je om aan te geven dat je iemand of een bepaalde plaats/locatie of dingen kent. Als het een persoon betreft wordt het gevolgd door ‘a’. Het wordt nooit gevolgd door een vraagwoord of een heel werkwoord (infinitief).

Conoce a Maria. Hij of zij kent Maria
Conozco Madrid. Ik ken Madrid